Zeelttoppers (Gepubliceerd in Beet Juli 2009)


Zeelttoppers (Eerder gepubliceerd in Beet, Juli 2009).

Onweer en regen zijn in aantocht en achter me rommelt het al behoorlijk.
Ik kan nog net zien hoe bellen plakkaten over mijn stek bewegen en met de hand op de hengel staar ik naar het pennetje.

De afgelopen weken ben ik op zoek naar mijn nieuwe PR zeelt. Mooie 50ers heb ik reeds te pakken, maar op de één of andere manier wil de vis niet over mijn 52 cm.
Ik weet van de lokale karpervissers dat er grote zeelten zwemmen en daarvoor zit ik hier.

Gewapend met een lichte penhengel van 1.5 LB zit ik aan het water. Het pennetje van 2,5 gram is mijn verklikker, een olivettie loodje zorgt voor de goede balans en een paar hagelloodjes voor het secuur uitloden.
Als hoofdlijn gebruik ik een 16/00 nylon, Ik wil gewoon geen risico lopen op lijnbreuk en met deze combinatie kreeg ik al menig zeelt op het droge.

Zeelten zijn echte vechtersbazen. Met hun enorme rugvin en sterke staart kunnen ze ons geweldige sport bezorgen. Wanneer je zeelt haakt blijft de vis goed onder en klieft je lijn strak door het water.
Prachtig gezicht en een genot om te drillen. Zeker wanneer je met de vaste stok vist en je topelastiek tot het uiterste wordt getest.

Mannetjes en vrouwtjes zijn op het eerste gezicht moeilijk te onderscheiden, maar als je de vis ondersteboven houdt zie je wel degelijk verschil.
Mannetjes zeelten hebben grote buikvinnen en reiken tot voorbij de anus. De vrouwtjes hebben kleinere buikvinnen en komen niet voorbij deze uitstulping. Ook hebben de mannetjes tijdens de paaitijd een dikke uitstulping, net boven de buikvinnen. Erg mooi om deze kleine verschillen te kunnen ontdekken.

De vis met de robijnrode ogen wordt vooral gevangen als bijvangst. Niet alleen tijdens karpervissen, maar ook tijdens de verschillende witvisdisciplines.
Toch kun je er gericht op vissen, want in bijna ieder lokaal water gedijd de vis goed.
Met een lichte karperhengel, wincklepicker of vaste stok kom je al een heel eind .
Het is voornamelijk een manier van aas presenteren. Een pennetje langs het riet kan al heel effectief werken, maar pas op voor de grote jongens. Karpers zijn ook niet vies van maïs of een dikke worm.

De eerste weken heb ik voornamelijk gevist met 4-6 korrels maïs op de haak. 3 dagen van te voren voerde ik met voorgekookte duivenvoer en 2 blikken maïs. Op de visdag zelf viste ik met dezelfde blikmaïs en dat leverde een paar mooie zeelten op.

Toch kreeg ik ook last van bijvangsten. Brasems zijn namelijk dol op maïs en het bestand brasem op dit water is groot. Eenmaal brasem op de stek en ik kon gaan inpakken, ik moest iets anders bedenken.

In de eerste plaats stopte ik met voeren tijdens het vissen. Normaal gesproken is voeren een killer, maar met al die grote brasem op mijn voerstek wilde ik dat proberen te vermijden. Overigens ben ik trouwens niet vies van een dikke brasem hoor, laten we dat voorop stellen.

Het verplaatsten van mijn pennetje van 3 meter naar een meter tot 50 cm uit de kant moest een oplossing brengen. Nu viste ik echt vlak tegen de rietkraag en warempel ik ving voornamelijk zeelt met af en toe een verdwaalde ruisvoorn.

Maar ik wilde meer. Karpervissers vissen met vastlood en je hoort regelmatig dat ze als bijvangsten grote zeelten verschalken. Ik besloot ook een vastloodsysteem in te zetten i.c.m. een zoete boilie en zo viste ik ineens met 2 hengels. Regelmatig werd er zeelt verschalkt, maar de topper bleef uit. Dat gaf niks, ik had geduld…..

Het is benauwd en het begint af en toe lichtjes te sputteren. Het rommelt nog steeds ver achter me, maar ik moet en zal blijven zitten.
De lamp doe ik uit voorzorg al op het hoofd en terwijl ik hier mee bezig ben, zie ik mijn pennetje langzaam weglopen.

Adrenaline giert door mijn lichaam en snel pak ik de hengel die naast me ligt.
Met een zwieper zet ik de haak, voel contact en als een gebeten hond sprint de vis richting het open water.
Ik zie inmiddels geen hand voor ogen, maar wil mijn hoofdlamp ook nog niet ontsteken. Bang dat de vis schrikt, bang voor onrust op de stek.

Inmiddels gutst me het zweet van het gelaat. Mijn shirt met lange mouwen kleeft aan mijn rug en ik ben zenuwachtig. Niet alleen vanwege de vis, maar ook vanwege het gerommel op de achtergrond. Ik houd namelijk absoluut niet van onweer. Sterker nog, ik ben er als de dood voor. Het shirt met de lange mouwen heb ik trouwens aan vanwege de vele muggen.
Met de zomerse temperaturen stikt het hier van die “sneaky snipers” en daar wil ik helemaal geen tijd aan besteden. Liever er wat warmer bijzitten, dan lek geprikt worden, zeg maar.

Mijn hengel staat nog steeds in een mooie curve. Ik voel grof gebonk, kopschudden en de vis zwemt nu een meter of 6 rechts van mij. Om de vis toch te kunnen zien besluit ik mijn hoofdlamp te ontsteken en de goudgele vis zwemt nu langs de kant.

Het schepnet ligt ongeveer een meter onder water, ik ben in opperste staat van paraatheid en probeer de vis nu naar het net te loodsen. Met een snelle beweging haal ik het schepnet omhoog en Yes de vis is van mij!!!

Eigenlijk kan ik niet zo goed in het donker zien welk formaat Tinca tinca heeft en snel ontdoe ik haar van haakje 6. Op de meetplank probeer ik haar stil te leggen en als ze eindelijk rustig ligt zie ik dat haar staart de magische 52 cm passeert.
De vis is gewoon 53 cm en ik moet 10 x kijken om het te geloven!!!
Wat een prachtige vis, echt een beauty met prachtige rode ogen.

De tijd, de tijd! Ik heb weinig tijd en vlug pak ik mijn afstandsbediening van de camera die nog gereed staat van de vorige vis. In het donker schiet ik platen.
Dan stap ik het water in, laat de vis bijkomen, maar na amper 10 seconden zwemt ze weg en als een speer verdwijnt ze de diepte in.

Daar sta ik dan, compleet verbouwereerd, de donder op de achtergrond en met een laatste oerkreet uit ik mijn vreugde. Mijn moeite wordt eindelijk beloond, dit is geweldig, dit is super!!
Mijn PR zeelt is weer een cm scherper gesteld en snel besluit ik mijn spulletjes in te pakken voordat het echt losbarst.

Wanneer de laatste tas om mijn schouder zit, de struiken weer staan zoals ze voorheen stonden, baan ik mij een weg naar de auto. De lucht begint nu open te breken en de regen komt nu met bakken naar beneden.

Helemaal hoteldebotel, de lamp nog op het hoofd, de ruitenwissers op standje 2 en een smile van oor tot oor, rijd ik naar huis. Mission Accomplished

Een ingescand document is hier te downloaden.

0 Reacties

Geef als eerste een reactie

Laat een reactie achter