BZR Virus – (Dokter Pomp)


Mijn telefoon gaat en ik neem op. Een ietwat verwarde Coen hangt aan de andere kant van de lijn.
“Dokter Pomp…U moet me helpen..ik denk dat ik dat vervelende virus heb.”
“Goedemiddag, vriend Coen…alles goed met u? Met mij gaat het ook prima hoor.”, en ik maak een dolletje. “Pomp, ophouden met die flauwekul. Je moet me helpen, ik weet me geen raad!”
“Ho, ho, rustig Coen. Vertel eerst even wat er aan de hand is!”
“Je wilt het niet geloven, maar ik heb al anderhalf wit naar binnengewerkt. Ik heb mazzel dat de broodtrommel leeg is.”

“Mmm, vormpje van BZR (Lees introductie BZR), Coen. En met name de ‘R’ zit er goed in.”
“Ik denk dat we vanavond eens een hengeltje moeten uitgooien, ouwe dibbes.”
“Gelukkig, fijn dat je me helpt, Pomp. Hoe laat gaan we beginnen?”
“Als jij nou even snel naar de bakker gaat voor 2 halfjes wit, dan pak ik mijn spullen en staan we binnen een uur aan de waterkant.”  Coen stemt opgelucht in en we hangen op.

“Gevalletje BZR?”, vraagt mijn ega?”
“Gevalletje  Ruisvoorngriep”, antwoord ik en rustig loop ik naar de schuur.
De oude fairplay wordt gepakt, de doos dobbers gaat in de tas, fototoestel gaat mee en ik stap in de auto. Dat BZR springt aardig over met dit weer.

De afgelopen tijd is het behoorlijk losgeslagen. Had ik in maart zelf last van dit vlokvissyndroom. Vriend Coen heeft het nu goed te pakken. Gelukkig weet ik een manier om het een beetje in bedwang te houden. Ruisvoorn vangen!
Nog even onder ons.Wil je verlost zijn van de Ruisvoorngriep of Vlokvissyndroom, dan kan alleen een 40+ ruisvoorn je ervan af helpen. Het is dus nog niet zo simpel. Gelukkig kun je het virus met een paar 30ers ook aardig indammen. We gaan maar weer eens op zoek.

Daar is Coen. De man is zenuwachtig en staat op zijn plaats te draaien. In één van zijn grote vuisten zie ik een halfje wit, in de ander een lege zak. Uit zijn mond steekt nog net een korst witbrood. Ai, dat is niet best.

“Pomp, ik hou het niet meer, ik wil er van af. Wat moeten we doen?”
“We gaan lekker wat ruisvoorn vangen. Vangen we een 30er, dan geef je die vis even een kus en laat je d’r weer gaan.”
“Pomp….je zit me te flessen! Je neemt me in de maling!”, Coen is er niet gerust op en propt weer een stuk witbrood in z’n mond.
“We gaan beginnen Coen”, ik gooi mijn dobbertje richting riet en Coen volgt.

We vissen beide met vlokdobbertjes. Coen en ik zijn helemaal weg van de vlokdobbers van Dobberrob. Deze zijn niet alleen verdomd netjes afgewerkt en mooi voor het oog. 15 meter werpen is een kinderspel en zo kunnen Coen en ik hele rietkragen bestoken.

Foto: Mooie ruiser op de vlokdobber.

Pats!!! “Jaaaaa….!!!!”, roept Coen.  Maar de kreet wordt al snel gevolgd door een “Neeeeeeee!!”
Lossers zullen we vandaag zeker een paar keer gaan meemaken.
Na de bombarie van Coen, ben ik mijn eigen dobber kwijt. Ik zoek, ik zoek, maar ik kan niks vinden. Aan het lopen van het lichte nylon zie ik dat ik beet heb en ik sla aan.
“Jaaaaaaaa!!!”, roep ik. “Coen……vis!!”
Het  is ruisvoorn. Een beste ook. Coen komt aangehold met het schepnet.

Foto: Dit is toch ook wel erg leuk hoor. Beetje struinen met een zak brood.
“ Pomp, het is een hele mooie!!”, en mijn vismaat schept.
“Oooh, my precious, my little precious. Kom maar bij Ome Coen.
Ik geef ‘Sméagol’ een stomp en we moeten lachen.
In mijn netje ligt een prachtige ruiser van 31 cm, wauw!!! We maken fotootjes en ik geef Coen de vis.
De vis krijgt een kus en ze gaat te water. “Ahhh, ik voel me al stukken beter!!”, zegt Coen. Ik grinnik wat.

Foto: De kenmerkende rode vinnen verdwijnen langzaam in het water.
Het is over op deze stek. Kennelijk is er toch onrust ontstaan en we krijgen geen tik meer.
We besluiten te verkassen. Het is benauwd. Mijn T-shirt plakt aan mijn rug en het zweet gutst me van het gezicht.  Het was trouwens niet echt slim om met een korte broek op pad te gaan. Mijn enkels jeuken van de brandnetels en de muggenbulten. Gewoon verder vissen, mekkeren heeft nu geen zin.

Foto: Coen met een prachtige ruiser van 36 cm.
We hebben inmiddels een nieuwe stek gevonden. Coen schiet met behulp van een katapult broodkorsten op het water. Niet veel later volgt een dikke  kolk.
“Dat was een grote ruiser, Pomp. Zag je dat??”
Geconcentreerd  gooien we onze vlokdobbers richting water. Wat volgt is wat gestuiter van onze sigaartjes. We missen wat aanbeten en beginnen rustig opnieuw. Daar… weer een kolk en mijn vismaat is er als de kippen bij. Zijn vlok ligt nog geen seconde in het water en de boel schiet al onder.

Foto: Kijk em glunderen. Dat BZR is zo slecht nog niet.
“Jaaaaaaaaaaaaaaaaa!!! “, Coen schreeuwt het uit.
Nou ja, het is eigenlijk fluisterend schreeuwen, want we willen de vissen niet verjagen.

Onze patiënt drilt de vis. Zijn lichte stokje kromt goed en Pomp mag scheppen. Een minuut later ligt er een bak van een ruisvoorn op de kant. Man, wat zijn we blij. Het meetlint komt tevoorschijn. In spanning kijken we hoever het rolmaatje reikt. De ruiser haalt een lengte van maar liefst 36 cm!! Cool. Coen is blij. Weer een mooie 30er in zijn grote knuisten. “En….voelt de patiënt zich al wat beter?”
“Dokter Pomp, ik voel me super.”

Foto: Ruisers van dit formaat zijn geen straf hoor.
We vissen vrolijk verder. Het wordt een leuke avond, met veel aanbeten, maar evenzoveel lossers.
De ruisvoorn is aardig los en de stukken witbrood vliegen door de lucht.
Het is wel oppassen voor eenden en meerkoeten. Voor je het weet is je voerstek naar de knoppen.

We vangen nog een stuk of 5 maatse vissen. Wat hoge 20ers en lage 30ers. Prachtige ruisvoorns die je niet alle dagen vangt.  Rond 22:00 uur vind ik het welletjes. Ik ben weer eens een montage verloren en mijn benen gloeien van de striemen en muggenbulten.

Foto: Het benauwde weer leent zich erg goed voor de ruisvoornvisserij.

Wanneer ook Coen een laatste ruisvoorn verspeeld, lopen we richting auto. Het was een prachtige avond.
“Dokter Pomp. Mag ik u hartelijk danken?”
“Dat mag, Ome Coen. Dat mag.”
“Mocht u onverhoopt toch weer last krijgen van de bekende symptomen. Dan adviseer ik om even terug te komen voor een herhalingsrecept.”
“Dat ga ik zeker doen, Dokter Pomp.”

Aanvulling:
In het Visblad van augustus 2010 heb ik een stukje geschreven over vlokvissen op Ruisvoorn.
Het artikel is nu ook in .pdf formaat en hier te downloaden. Veel leesplezier.

Comments

comments

8 Comments

  1. Nico zegt:

    Klasse Pompie!!! ….weer een patient genezen en hoe…..
    Prachtige vissen man met die groen/goude gloed en die mooie rode vinnen!!
    En met die 30-ers ook nog een zeer strakke afmetingen…
    Volgende patient!!!

    groet
    Nikos B.

  2. Rich zegt:

    Erg leuk artikel hahaha en zeer mooie vissen…

    Grtz Rich,

  3. Jurgen zegt:

    Hey Pompie.

    Super gaaf verhaal man en wat een mooie ruisers.
    Hopelijk komen er nog veel van zulke verhalen en vangsten van je.

    Groetjes, Jurgen

  4. Tim zegt:

    Hey Marcel.
    Ik geniet weer volop van je verslagen.
    Ga vooral zo door! TOP!

    Groet

  5. Marcel zegt:

    @Nico: Hahah volgende patiënt. Nou dat ruisvoornvirus gaat anders hard hier.
    Erg leuke bezigheid hoor!
    @Rich: Dag Rich. Heb inmiddels door welke Rich het is :)
    @Jurgen: Hoi Jurgen, thanx man. Ik doe m’n best. Af en toe komt er weer wat uit de koker:)
    @Tim: Hoi Tim. Thanx man. Tja, dat ruisvoorn vissen is eigenlijk vissen op miniwindes zullen we maar zeggen he :) Zit overigens met smart op jullie vangstverslagen te wachten.

  6. Kevin Diederen zegt:

    Oehhh, Pomp toch!

    Maak me maar gek nu ik vanavond de hengel weer inruil voor een camera en dat de komende twee weken vooral zal blijven doen.

  7. Marcel zegt:

    @Hee Kevin, hahaha Dat wordt even afkicken. Sterkte:)

  8. Rubenko zegt:

    Sjeempie, pomp.. van zulke jongens kan ik alleen maar dromen.. keep on goin’